Schrijfster Geke van de Merwe wijst naar een foto die daags na de Stadhuisramp in Heusden is gemaakt. Bij deze 'oorlogsmisdaad' van de Duitsers verloren 134 onschuldige kinderen en volwassenen het leven.
Schrijfster Geke van de Merwe wijst naar een foto die daags na de Stadhuisramp in Heusden is gemaakt. Bij deze 'oorlogsmisdaad' van de Duitsers verloren 134 onschuldige kinderen en volwassenen het leven. (Foto: )

Aangrijpend nieuw boek over de Stadhuisramp

  Historie

Maandag 4 november herdenkt Heusden de Stadhuisramp met een dienst die om 19.00 uur begint in de Catharijnekerk. Een van de sprekers is journaliste Geke van de Merwe, schrijfster van het boek 'De Stadhuisramp: een onbestrafte oorlogsmisdaad'.

HEUSDEN - Na een stille tocht naar en kranslegging bij het monument is er om 20.30 uur koffie en thee in de kerk en de verkoop van dit aangrijpende boek – 286 pagina's, stijve kaft en vol foto's – dat 27,50 euro kost, bij de lokale boekwinkels te koop is, maar uitsluitend maandagavond in de kerk tegen een gereduceerde prijs door de J.F. van de Poel Stichting wordt verkocht..
Centraal in het nieuwe boek van de schrijfster staat de Stadhuisramp. In de nacht van 4 op 5 november 1944 pleegden de Duitsers in Heusden een oorlogsmisdaad. Zonder enige waarschuwing bliezen zij de toren van het stadhuis op, wetend dat op de parterre op dat moment circa tweehonderd inwoners een veilig heenkomen hadden gezocht. Hierdoor verloren 134 onschuldige kinderen en volwassenen het leven en raakte een onbekend aantal burgers gewond. Voor en na deze walgelijke massamoord sneuvelden er ook nog eens om en nabij de 30 Heusdenaren door het granaatvuur tussen de geallieerden vanuit Heusden en de Duitsers die zich verschanst hadden op de oevers van de Bergsche Maas in het nog door hen bezette Land van Heusden en Altena.
Het boek begint met de roerige geschiedenis van Heusden. Een stadje op een strategisch punt dat menige oorlog heeft moeten doorstaan. Vervolgens beschrijft Geke van de Merwe hoe de armoede in Heusden door de straten gierde na het verlies van haar garnizoenfunctie en later door de werkloosheid en algemene malaise tijdens de crisisjaren. Jaren waarin het verenigingsleven bloeide als nooit tevoren en het stadje verloederde.
Zo voert zij de lezer aan de hand mee naar de Tweede Wereldoorlog, naar een inval bij een bekende Heusdenaar en het wegvoeren van een in Heusden wonend joods echtpaar en diens gastheer. Het accent van het boek ligt uiteraard op de Stadhuismoord en wat daar aan vooraf ging: het schuilen voor de beschietingen in kelders en met platen afgedekte gaten in achtertuinen Vervolgens laat zij de geïnterviewden - 38 in de loop der jaren, van wie 18 recent - vertellen over de Stadhuisramp, hun evacuatie, hun terugkeer naar een grotendeels vernield stadje en het al dan niet kunnen verwerken van dit oorlogstrauma.
Vijf deskundige personen leveren een belangrijke bijdrage aan het boek: prof. dr. Wim Klinkert, hoogleraar militaire geschiedenis; dr. Christ Klep, militair historicus; Hans van de Mortel, schrijver en archivaris; Bart Beaard, secretaris-penningmeester van Heemkundekring Onsenoort; en ds. Frans Willem Verbaas, predikant van de Protestantse Gemeente Heusden. Heemkundige Bart Beaard had de organisatie bij het tot stand komen van dit indrukwekkende boek. Ook scande hij de vele foto's, plaatste die in de tekst en verzorgde de overzichtelijke indeling. Aan de hand van het Bijbelboek Job beantwoordt Frans Willem Verbaas de vraag, waarom God de gebeden niet verhoorden van de mensen onder het stadhuis en in de andere schuilkelders. Gebeden om hulp van doodsbange mensen die in grote nood verkeerden.
In een wereld met her en der afschuwelijke brandhaarden en 65 miljoen vluchtelingen valt dat wat ooit in Heusden gebeurde, in het niet. Het één is volgens de schrijfster niet met het ander te vergelijken. Toch signaleert zij één overeenkomst: doodsangst. In het boek stelt zij de vraag: "Begrijpen we wat doodsangst voor mensen betekent en dat die soms zo traumatisch is, dat het nauwelijks lukt om er over te praten? En dat er nu nog, 75 jaar na de Stadhuisramp, verhalen zijn die nooit verteld zijn? Verhalen over angst en verlies. Over overleven in geïmproviseerde schuilkelders in het hart van de strijd. Toen het verschrikkelijke geweld van de oorlog najaar 1944 over Heusden raasde, konden de inwoners niet anders doen dan in hun donkere schuilplaats bidden om een goede afloop. Anno 2019 is het slechts een kwestie van tijd voor dat er niemand meer is om de verhalen te vertellen, de vele persoonlijke herinneringen van Heusdenaren, meegesleurd in de waanzin van de oorlog. Wat blijkt: de Stadhuisramp is 75 jaar na dato nog steeds voelbaar bij hen. Iedereen heeft het drama op zijn of haar eigen manier beleefd en er eigen herinneringen aan overgehouden", aldus de schrijfster.

Meer berichten