Column Barend Splinter.
Column Barend Splinter. (Foto: )

Gedonder

  Column

Afgelopen zondag, zo rond vier uur in de middag, heb ik vanuit mijn huiskamer staan kijken naar de grote bomen in de tuin van mijn achterbuurman. Normaal gesproken besteed ik daar geen aandacht aan, maar gezien de weersomstandigheden kon ik daar op de beste manier de kracht van de stormachtige wind aan zien. Het was voorspeld, echter als het eenmaal gebeurt, dan zit je toch wel een tijdje gespannen te kijken of die rijzige, nu bladerloze, grote bomen de op hen uitgeoefende krachten kunnen weerstaan. Afgezien van het verlies van een paar te missen takjes heb ik het vermoeden dat de bomen zich met een zucht van verlichting op de bast kloppen dat zij deze aanval hebben doorstaan.

Maar als ik de weersverwachtingen mag geloven is er nog meer van dit alles op komst. Je kunt dit met de beste wil van de wereld geen storm in een glas water noemen. Ergens heeft dit wel wat natuurlijk. Ik weet nog heel goed dat ik als klein menneke juist met zulk weer met mun regenjackje aan naar buiten ging en lekker probeerde tegen de wind in te gaan hangen. Prachtig man en zeker als mun maten uit de buurt ook naar buiten kwamen. Ammel op un rijtje naast elkaar met de jassen zo wijd mogelijk open tegen de wind in en maar afwachten wie het eerste op zunne snufferd viel.

Als het dan begon te bliksemen, moesten we als de sodemieter maken dat we binnen kwamen, want het was ons ingepeperd dat de bliksem gevaarlijk was. Gek eigenlijk, want we schrokken het hardste van dun donder die er achteraan kwam. Ik geloofde er dus geen donder van, totdat veur ons huis unne boom door de bliksem zowat van boven tot onder doorkliefd werd. Ge schrikt oe eige echt kapot en zeker als ge nog direct na de bliksem unne geweldige klap hoorde. Ik was gewend om in de lucht nun bliksemschicht te zien en efkens later wat gerommel in de verte, maar dit was different koek. Ik weet nog dat mijn zus en ik onder de rok van ons moeder wegkropen. Dit was de eerste en ook de laatste keer dat me dat is overkomen. Zo'n onweer wel natuurlijk. Feit is wel dat ik nu nog altijd bij donder en bliksem weg blijf van de ramen en dat heb ik ook mijn nageslacht meegegeven, hoe spannend onweer dan ook mag zijn. Het is inmiddels zes uur, de lucht trekt weer dicht, de wind trekt aan en het is wachten op de eerste bliksem en donderslag van de tweede bui.

Barend Splinter

Meer berichten